
De verzamelde mailtjes naar het thuisfront, licht aangepast.
Mail 1: Meppel – Rabat (Marokko)
Hallo allemaal,
Op weg van Meppel (do 16 mei 10 uur vertrokken) naar Accra zitten we nu (maandag 20 mei 2002) in Rabat in Marokko op ons Mauretaanse visum te wachten (een paar uur maar). Bijna alles gaat naar wens. Kleine probleempjes: sla gegeten in 3e wereldland Spanje, met als gevolg hevige aanvallen van kots- en schijterij en de auto had een kleine reparatie nodig. We zijn op schema, later vanmiddag gaan we op weg naar het zuiden van Marokko. Onderweg van Meknes naar Rabat in the middle of nowhere telefoon op mobieltje gekregen van het thuisfront, perfecte verbinding (als je ook zin hebt, mijn mobiel staat tussen 18 en 20 uur nl-tijd aan, kost bijna niks:-)).
In Rabat gisteravond in een hotel pal aan het podium van Afrikaans muziekfestival gelogeerd, leuk!
Leuk als je terugmailt, maar mijn antwoorden zullen niet al te uitgebreid zijn, kutmarrokaanse azerty toetsenborden met Arabische tekens hier ;-), 50 procent foute aanslagen, de andere helft zoeken.
Mail 2: Rabat – Dakar (Senegal)
Hallo uit Dakar,
waar we aangekomen zijn op zondagavond. Na Rabat (vorige mail) waar we visa voor Mauritanië haalden zijn we die dag nog doorgereden naar Agadir, in Zuid-Marokko; Parijse prijzen, Spaanse costa kwaliteit.
In Agadir begaf een accu van de auto het en moest er een reparateur voorrijden; achteraf alles heel snel en goedkoop geregeld; daarna de westelijke Sahara doorkruist, Marokkaans gebied, waar binnenkort een referendum plaatsheeft in verband met onafhankelijkheid; we aten in een hotelletje in Laayoune, waar ook VN-personeel verbleef, waardoor de prijs bijna verdubbeld was; toen we aangaven dat we dat doorhadden, kregen we zomaar 40 procent korting op de kamer. De volgende dag doorgereden naar Dakhla, allemaal nog over prima wegen, maar daarna meer dan 500 km over pistes (zand/rotswegen), door de Sahara en over het strand ten noorden van Nouakchott (160 km), de hoofdstad van Mauritanië; allemaal erg spannend en een prachtige ervaring over die eindeloze zandvlakte te scheuren (we hadden een gids die er verstand van had en een groepje medereizigers).
Overnacht in een grote tent midden in de woestijn en als vlag op de vuurpijl een nachtelijke rit over een strand te midden van duizenden witte wegschietende krabben. Veel gedoe met de auto (vaak oververhit, vastzitten in het zand ondanks 4wd), maar met veel hulp van anderen is alles weer goed gekomen. 's Nachts om 4 uur in Nouakchott aangekomen, daar een paar uurtjes geslapen, gisteren naar St. Louis in Noord-Senegal gereden en vandaag dus in Dakar.
Parijs - Dakar in 9 dagen, wat was het vorige record ook al weer? :-)
Mail 3: Dakar – Conakry (Guinee)
Vanaf Dakar reizen we naar Banjul in Gambia. Het gedoe bij de veerpont over de Gambia-rivier is enerverend, maar verloopt probleemloos. We zijn de enige blanken aan boord.
In Banjul blijven we drie dagen in een appartement aan zee om wat goede nachtrusten te genieten. Maar de hoofdreden is dat we tijd nodig hebben om visa voor Guinee, Ivoorkust en Ghana te bemachtigen. Tevens moet er het nodige aan de auto gebeuren, de reis door de Sahara heeft zijn tol geëist; de auto klinkt als een tientonner zo zonder uitlaatdemper! Een visum voor Ivoorkust halen blijkt hier niet mogelijk omdat het consulaat in Banjul is opgeheven. Dat wordt dus een omweg langs Conakry, de hoofdstad van Guinee. We schatten onze reistijd tot Ghana op 7 dagen, maar weten heel goed dat alles vanaf nu onzeker is. De eerste etappe door Gambia verloopt voorspoedig, hoewel het erg warm is. De wegen zijn nog redelijk begaanbaar, maar vaak is het beter naast de weg te rijden dan erop; de gaten van soms wel 30 cm diep zijn niet goed voor de conditie van de auto. Nadat we de grens tussen Gambia en Senegal zijn gepasseerd proberen we een hotel te vinden, maar de plaatsen die we tegenkomen zijn daar niet in voorzien. We besluiten dus maar door te rijden en zien wel hoever we komen. Dat blijkt de Guinese grens te zijn, waar we in de auto blijven overnachten. Kort tevoren hebben we in het aardedonker nog een stuk piste genomen, een stuk dat ons alleen werd toegestaan te berijden indien iemand aan boord is die de route kent. Voor dat doel nemen we een aantal mensen aan boord, die in een overvolle taxibrousse intussen ook gearriveerd waren aan de grens. We stranden uiteindelijk na ongeveer veertig kilometer op een extreem slechte weg. Een Nederlandse boswachter zou zich schamen voor deze bospaden, die de hoofdverbinding vormen tussen Senegal en Guinee. Diepe kuilen en rotsen over grote stukken, de auto raakt regelmatig de grond. Soms zijn de sporen zo diep geworden door de vrachtwagens, die - ongelooflijk maar waar - ook van deze paden gebruik maken, dat er daarnaast nog een pad ontstaan is voor auto’s. Na een nacht met regen (koelt lekker af) rijden we verder met nog één van de drie passagiers over. Zij moet net als wij naar Conakry en we besluiten haar in aller belang (ze spreekt goed Frans en weet de weg langs onverharde wegen) daar naar toe mee te nemen. Ze heet Odette en is een pittige, praatgrage tante. De officiële grenspost doet hier erg moeilijk; de agent moeten we omkopen voor 5000 CFA (ca. 8 Euro). De douanier (zonder uniform) doet nog veel moeilijker, omdat we schijnbaar een document missen. Hij dreigt ons zelfs niet toe te laten, wat zou betekenen dat we naar Senegal terug zouden moeten, maar dat is natuurlijk niet de bedoeling. We besluiten even rustig af te wachten. Uiteindelijk mogen we door als we ons bij de douane van de volgende, grotere plaats melden voor een "laisser passer". Voor dat doel laat hij een brief schrijven en betalen we hem 5000 CFA. In Koundara gaan we naar de douane, maar tot onze grote verbazing wil het corrupte zootje ons maar liefst 450000 Guinese Francs laten betalen (ca. 265 Euro). Daarmee gaan we natuurlijk niet akkoord en weer dreigen we te worden teruggestuurd, onder escorte zelfs. De lange discussie die volgt leidt niet tot wederzijds begrip; er begint zelfs een wat vijandige sfeer te ontstaan. Uiteindelijk houden beide partijen voet bij stuk. De paspoorten waren ingenomen en die zullen we terugkrijgen, maar dat gaat natuurlijk ellenlang duren. We wachten 1½ uur, maar besluiten dan niet met ons te laten sollen en gaan een hotel zoeken. Eén van de twee hotels is acceptabel, we zijn zeer smerig en willen graag douchen. In het hotel blijkt ook een Nederlandstalige Belg te bivakkeren. Hij heeft 23 jaar reiservaring in Afrika en heeft wel een paar tips voor ons die we de volgende dag bij de douane in de praktijk gaan brengen. Die nacht stormt en stortregent het oorverdovend op het golfplaten dak van het hotel. De volgende dag eerst ge-petitdejeuner-ed op het marktplein en dan rustig naar de douane gegaan. Na opnieuw een discussie, waarbij we heel slinks doen voorkomen dat we nog minder geld hebben dan al het geval is, wordt de prijs voor een andersoortig laisser passer 100.000GF, waarvan we slechts 80.000 hoeven te betalen. We beseffen heel goed dat het grootste gedeelte hiervan in de zak van de douane verdwijnt! Om ca. 12:30 reizen we af naar Conakry. De reis verloopt spoedig, de piste is behoorlijk goed en we halen de middelgrote plaats Boké. Daar overnachten we in een aardig hotel. We rijden al meer dan een dag door Guinee en hebben nog geen verharde weg gezien!!
Over de belevenissen in Boké een volgende keer. Ik meld nog dat ik dit schrijf in Conakry.
Mail 4: Conakry - Yamoussoukro (Ivoorkust)
In Boké in Guinee word ik weer een dagje ziek, ernstige buikpijn nopen ons een bezoek te brengen aan het plaatselijke ziekenhuis. Het is 4:30 ‘s nachts, nog donker en in de eerste hulp waar we belanden, doet de dienstdoende arts zijn onderzoek bij het licht van een zaklamp; elektriciteit is ‘s nachts niet altijd aanwezig in Guinee! Er wordt een spuit gegeven en een recept uitgeschreven, waarmee we medicijnen kunnen gaan halen. Terug naar het hotel, maar vrijwel meteen komen de pijnen in alle hevigheid terug. André besluit de alarmcentrale in Nederland te bellen, maar moet daarvoor naar de stad, want in het hotel is geen telefoon met internationale mogelijkheden. Tevens is het zondag. Bij een telefoonbedrijfje belt hij naar Nederland, waar ze alleen kunnen helpen als de patiënt in het ziekenhuis is. Dus word ik weer naar het ziekenhuis gebracht, waar men direct weer over geld begint. Toen André de benodigde informatie voor de alarmcentrale voorzover mogelijk bijeen gesprokkeld had, bleek er niemand meer aanwezig bij de belgelegenheid. Even gewacht, maar het ging hem allemaal veel te lang duren - de situatie leek ernstig - dus hij besloot achterom te lopen, opende met zijn zakmes de deur, sloot de telefoon aan en begon te bellen. Na enkele minuten arriveerde de hoogstverbaasde en kwade eigenaresse. Na zijn zaken te hebben afgehandeld ontstond een hevige ruzie, over iets onzinnigs in zijn ogen, die door onze hotelbaas werd beslecht; hij betaalde ook de hoogopgelopen rekening. Uiteindelijk is alles met een sisser afgelopen, maar ik heb een ding geleerd, loop niets ernstigs op in Guinee!
Na een dag en allerlei medicatie (ja de naalden waren alweer nieuw en steriel) ging het beter en zijn we doorgereden naar Conakry, de hoofdstad van Guinee. De weg er naartoe was perfect op de eerste 25 kilometer na. Daar verloren we voor de tweede keer onze uitlaatdemper. We kwamen wel redelijk op tijd aan. Net op tijd om aanvraagformulieren voor visa voor Ivoorkust op te halen. Hierna zochten we snel een hotel, scoorden wat geld bij de bank en gingen eten. De volgende dag visa aangevraagd en wat rond gekeken. Chinees gegeten met onze vertrouwde liftster.
De volgende dag konden de visa om elf uur worden opgehaald (daarvoor nog even voor een onderzoekje bij een 'echte' dokter langs geweest, hij dacht dat het misschien nierstenen waren, ik mocht van hem weer verder reizen) en zo hebben we ook gedaan. Meteen vertrokken richting Ivoorkust, een stuk waar we zeker twee dagen over zouden doen dus enige haast was geboden. Onze liftster bij haar familie afgezet.
De eerste dag kwamen we tot aan Faranah. De weg was goed en de meeste overstekende dieren hebben we kunnen ontwijken. Op een hond na; het beest kwam vlak voor de auto de weg op rennen en had daarmee zijn doodvonnis getekend (ik reed). De dorpelingen waren ook van mening dat we er niets aan konden doen en stuurden ons meteen weer door. De tweede dag kwamen we tot aan N'zerekoré, maar de slechte weg er naar toe, maakte een tweede slachtoffer. Een diepe kuil deed onze achterruit, die in Nederland al eens vervangen was, in een klap in duizenden stukjes versplinteren. Wij, en de twee militairen die we als lifters meenamen schrokken ons een hoedje. Scherven opgeruimd en naar bovengenoemde plaats doorgereden, maar het was duidelijk dat we zo niet naar Accra door kunnen rijden. Er zal dus een oplossing moeten worden gevonden. Die werd de volgende dag gevonden in een tijdelijke oplossing in de vorm van een dubbellaags stuk hardboard. Een definitieve oplossing zal gevonden moeten worden in Abidjan of Accra. Tevens werd er nog een band geplakt; er zat een spijker in waardoor de band onvoldoende op druk bleef.
Toen dat klusje eenmaal geklaard was reden we kort na de middag richting Ivoorkust om daar toch eindelijk aan te komen. Het eerste stuk was redelijk, maar daarna begon een interessant stuk piste tussen de beide landsgrenzen, slechts iets beter dan het stuk tussen Senegal en Guinee. De grensformaliteiten gingen goed, maar het kost allemaal erg veel tijd; binnen een paar honderd meter zien we 6 officiële kantoortjes van binnen. Aan beide zijden van de grens drie.
Ook na de grens is er nog 45 kilometer enerverende piste en weer op de laatste druppels diesel bereiken we de bewoonde wereld. We overnachten in Man, waar het 's nachts plenst. Het hardboard houdt het allemaal gelukkig wel
Intussen zijn we aanbeland in Yamoussoukro, een stad die is ‘grootgemaakt’ door de vorige dictator en waar de enorme basiliek het bekendste feit vormt. Waarschijnlijk rijden we vanmiddag nog door naar Abidjan.
Mail 5: Yamoussoukro - Accra (Ghana)
Na het vorige mailtje uit Yamou (voor de ingewijden) gingen we verder naar Abidjan. Onderweg passeren we een met een klapband gestrande bus en de chauffeur en zijn hulp proberen met heftige armbewegingen hun passagiers bij andere weggebruikers onder te brengen. Wij besluiten sociaal te doen en krijgen 3 dames in de auto, die zussen blijken te zijn; zodra ze in de auto zitten beginnen ze alledrie om de beurt hevig en lang te bidden, waarschijnlijk bedanken ze voor de lift en voor het feit dat ze de klapband overleefd hebben, want later vertellen ze dat het nogal heftig was. Ze komen terug van een begrafenis van een familielid, maar dat mag de pret niet drukken; ze lachen en kletsen gezellig met ons. Ze zijn alledrie typisch West-Afrikaans kleurig gekleed en ze zijn kledingmaakster, sieradenmaakster en verkoopster, 45, 39 en 35 jaar, hebben resp. 4, 1 en 0 kinderen, zijn gescheiden, gescheiden en single en willen alledrie wel met westerlingen corresponderen/trouwen. Wij leggen uit dat corresponderen misschien nog wel tot de mogelijkheden behoort, maar dat een huwelijkspartner regelen iets langer duurt. Ik probeer André nog aan de vrouw te brengen, maar zonder resultaat. Als ze horen dat wij nog nooit in Abidjan zijn geweest raden ze enkele hotels aan, maar daaruit blijkt wel dat ze de conclusie al getrokken hebben: wij zijn rijk.
Uiteindelijk belanden we toch in een voor ons doen erg duur hotel, een IBIS (70 euro, meestal hebben we iets tussen de 10 en 30), maar Abidjan is sowieso duur. Ze bieden ook aan om ons 's avonds de stad te laten zien en dat aanbod nemen we aan. Een van de 3 stapt eerder uit, de 2 anderen brengen we naar huis, ze wonen met zijn vijven in een 2 kamerappartementje. We krijgen een jongere broer mee om ons hotel weer terug te vinden (Abidjan is groot en ingewikkeld) en gaan douchen en eten. Tijdens het eten komen de dames al binnenlopen en eten nog wat met ons mee. Vervolgens gaan we naar een disco voor mensen van middelbare leeftijd, die we eigenlijk ook veel te duur vinden, maar dan zijn we al binnen en is er al betaald. Zelfs André danst (voor het eerst van zijn leven?) en het is best wel gezellig. Als we naar huis willen, willen de dames nog even blijven en we nemen afscheid voor de deur van de disco; daar verpesten ze de avond toch nog een beetje door geld voor de taxi naar huis te vragen (hier heel normaal, maar toch kunnen wij er niet aan wennen en we hebben ze nog wel zo'n lange gratis lift bezorgd, waar andere Afrikanen geld voor hadden willen hebben) en André geeft ze ook nog wat. Levert een beetje een katerig gevoel op.
De volgende ochtend (9 juni) vertrekken we richting Accra en in eerste instantie verloopt de reis vlotjes. De Ivoriaanse grens levert geen problemen op, maar de Ghanese grens wel. We missen een autopapier. Een bedrijf ter plekke kan dat voor ons oplossen voor $120 US, maar wij denken het zelf wel af te kunnen en gaan door de molen.
5 dagen later zitten we daar nog in en is onze auto in beslag genomen in Accra. De grens kwamen we uiteindelijk wel over, maar we krijgen een escorte mee, die ons naar Customs HQ (hoofdkantoor douane) in Accra moet begeleiden, waar we de zaken verder moeten regelen. Daar moeten we de auto achterlaten binnen de hekken van de douane en eerst onze papieren in orde zien te maken; makkelijker gezegd dan gedaan! Na 2 dagen ben ik nog geen steek verder en ik kan niet met het project aan de gang waarvoor ik hier ook zit, want al mijn tijd gaat op aan die k-auto. Met de escorte kunnen we het trouwens heel goed vinden. Hij spreekt goed engels, heeft gestudeerd en is heel aardig en op geen enkel moment hebben we het gevoel dat hij iets van ons wil. 's Avonds in Accra komt hij met zijn eigen auto ons ophalen bij het hotel en gaan we de stad in. Overigens hadden we onderweg ook al een nacht doorgebracht in Cape Coast, een stadje halverwege de grens en Accra, waar ik 's morgens een school binnenliep en in de lerarenkamer enkele leuke gesprekken had met enkele leraren. Stappend in Accra belanden eerst op een terrasje en praten en hebben veel lol met Robert, die ook de vervelende jongens op een afstand houdt en later in een disco, maar daar blijken vooral dames van minder zware zeden rond te lopen. Op zich wel leuk al die aandacht, maar de dames zijn zelfs handtastelijk en dat gaat al gauw vervelen. Als Robert naar huis wil, besluiten wij ook te gaan. De volgende dag ben ik bijna alleen maar met de auto bezig, bel heel Accra af en zelfs naar Nederland, neem taxis van ambassade naar douane naar ministerie van onderwijs (als de minister niet toevallig in vergadering had gezeten, hadden we hem te spreken gekregen, opmerkelijk hoe makkelijk dat ging) naar hotel, maar veel levert het allemaal niet op. De juiste mensen zijn er steeds niet en of we de volgende week maar terug willen komen.
Ondertussen heb ik ook een Ghanese simcard voor mijn telefoon gekocht. Die kostte 300.000 cedis. Mijn Ghanese nummer is 024225572, als je uit Nederland wil bellen moet daar 00 en de landencode van Ghana voor (233) waardoor het wordt: 0023324225572. Voor mij kost het op deze manier ongeveer 1 euro per minuut om naar Nederland te bellen, maar ik heb ook nog een gewone telefoonkaart, waarmee het goedkoper kan.
Na een pin-actie liep ik met bijna een miljoen op zak, of liever zakken, want in 1 zak paste die stapel 5000-tjes niet . André wisselde 150 Euro en verliet het bankgebouw weer met 1.092.000 Cedis, in een plastic draagtasje. Het grootste biljet is 5.000 Cedis wat 70 Eurocent waard is! Miljonair ben je hier al gauw.
Intussen is het 12 juni (de verjaardag van Wen), 13.00 uur lokale tijd (15.00 uur bij jullie) en heb ik om 15.00 een afspraak met een contact in verband met mijn project; ik zit te internetten in een ruimte (een café is het niet) in een woonwijk in Accra en morgenochtend hoop ik de juiste mensen te spreken te krijgen, waardoor mijn auto weer vrij komt.
Mail 6: Accra - Kumasi (Ghana)
Nadat we vorige week maandag onder begeleiding van een douane-escorte arriveerden in Accra, gingen we meteen naar het douanehoofdkantoor, om onze zaak voor te leggen. We moesten echter wel eerst de auto afgeven; deze werd binnen de poorten van de douane geparkeerd. Volgens de behandelend douanier (onze vriend de escorte had ons speciaal naar hem geleid omdat het een aardige man is) zou het niet zo'n probleem zijn als de Nederlandse ambassade achter ons zou staan. Dat we de auto snel terug zouden krijgen, maar dat deze zaken wel goed geregeld moesten worden. Nou dat viel dus tegen; de Nederlandse ambassade wilde niet meewerken (waar zijn die lui eigenlijk voor?). De contacten die een medewerker van de Ghanese ambassade in Nederland zou regelen waren nog niet toegezonden, zodat onze bedoelingen niet konden worden bewezen. Uiteindelijk is het goed gekomen, nadat we het probleem hadden voorgelegd bij mensen van het Ghanese ministerie van onderwijs, waar we via een in Nederland opgedaan contact belandden.
Het ministerie schreef een brief, waarin zij zich als het ware garant stelden voor eventueel te betalen invoerbelasting bij verkoop van de auto in Ghana. Al met al heeft ons dit vijf dagen gekost. Gisteren is het gelukt de uitlaat weer onder de auto gemonteerd (gelast) te krijgen. Een achterruit moet hier echter (alleen via de ambulante handel te verkrijgen) 1,4 miljoen Cedi kosten; dat is toch 200 Euro en dat vinden we teveel. Morgen hebben we nog wat laatste dingen af te handelen hier in Accra. Onder andere een visum regelen voor Burkina Faso. Daarna gaan we richting Ouagadougou (de hoofdstad van Burkina Faso) om daar de auto te verkopen. We rijden via Kumasi en Tamale en zullen ook nog langs het Voltameer komen. André hoopt begin volgende week op het vliegtuig te kunnen stappen, op weg naar Europa. Een rechtstreekse vlucht naar Nederland zal er wel niet inzitten, maar Parijs is ook goed genoeg.
Inmiddels hebben we Accra dus achter ons gelaten en zitten we in Kumasi, waar ik enkele in Nederland opgedane contacten hoop te spreken. Ook ben ik sinds gister weer verkouden (de 3e ziekte al onderweg, potverdrie), maar dat mag de pret niet drukken Meer heb ik niet te mailen, dus tot de volgende keer.
Antwoord op een paar vragen die ik per email kreeg:
Waar stuur je de e-mailtjes vandaan? Zijn er overal internetcafés?
Ja, daar zijn er heel wat van, vooral in de steden, maar toch ook in de kleine stadjes kom je ze wel tegen; nu, hier in Kumasi (1.000.000 inwoners), zijn er 10-tallen en zit ik te internetten in het gebouw van een benzinestation en dat is ook hier uitzonderlijk.
Het is vooraal de lokale bevolking die er gebruik van maakt, niet zozeer de toeristen. In tegenstelling tot bij ons, heeft bijna niemand hier een PC thuis.
Meestal zijn het kleine onderneminkjes boven winkels of zo; in dit café (is het eigenlijk niet) zit ik achter het modernste van het modernste spul (flatscreens onder andere), alleen de snelheid is slecht en de stroom viel net uit.
Of gaat dat via een gsm?
Nee, ik heb hier een simcard aangeschaft, dus ik heb nu en Ghanees prepaid gsm-etje, maar die probeer ik net als in Nederland weinig te gebruiken (024 225572, of had ik dat al gemeld? :-)) en laat het nummer steeds achter bij contacten hier.
Het je ook telefonisch contact met het thuisfront (of is dat te privé?)
Ik wordt regelmatig op mijn mobieltje gebeld door familie uit Nederland; kost wel wat (hoeveel weet ik niet, maar ik schat 1 a 2 euro per minuut), maar dan heb je ook wat ;-)
Mail 7: Kumasi - Ouagadougou (Burkina Faso)
Vanaf Accra zijn we tegen vier uur 's middags richting Kumasi vertrokken. Dat is de tweede stad van het land met ca. 1 miljoen inwoners. We kwamen pas laat weg uit Accra, omdat we een visum moesten halen voor Burkina Faso; zoals natuurlijk bij iedereen bekend is dat de plek waar we ons wrak voor grof geld gaan verkopen. Het visum was zo geregeld, maar het consulaat wilde betaald worden in CFA's (de munteenheid van veel landen in West Afrika, maar niet in Ghana, vergelijkbaar met de Euro) en deze waren in heel Accra nauwelijks te vinden. Van de 30.000 die we nodig hadden, lukte het ons er 20.000 in 4 uur te vinden. Toen we bij het consulaat aankwamen met ons zielige verhaal, mochten we de rest toch in Cedis betalen; weer een ton Cedis lichter dus! Afijn, 's avonds laat kwamen we in Kumasi aan, leuk hotel met Ierse pub. Volgende dag op pad voor het ontwikkelingsproject. Op een middelbare school ons reisverhaal voor een "klas" van 200 pubers vertelt, met zelfgemaakte tekening van West-Afrika op het bord. Achteraf vragen beantwoord. Leerlingen gaan staan als ze een vraag willen stellen. Leuk!!
De dag daarop had ik wederom project toestanden en is André de stad gaan verkennen, met ondermeer een bezoek aan de markt; de grootste van West-Afrika, wordt gezegd, met ca. 10.000 verkopers. Op die markt is (bijna) alles te koop, volgens André.
"Hé, Obroni!" (hé, blanke) is iets wat je hier heel vaak naar je hoort roepen. Moet je in Nederland eens andersom proberen; in de Bijlmer, is mijn advies. Aangezien de contacten in tegenstelling tot bij het ministerie in Accra, allemaal heel efficiënt verlopen, vooral dankzij een Amerikaanse studente, die ik toevallig in het internetcafé boven het benzinestation tegenkom, kunnen we de volgende dag reeds verder trekken naar het noorden.
Die dag is Tamale het einddoel. Dat halen we tegen negen uur. Echter, toen we uit eten wilden gaan in de stad, werden we door het hotelpersoneel tegen gehouden, ze vroegen waar we heen wilden en toen we ons plan vertelden, zeiden ze dat we niet meer weg konden gaan. "Waarom dan wel niet?" wilden wij weten. "There is a curfew from 9 pm", was het antwoord. Wat bleek, de "koning" van een naburig dorp was drie maanden geleden vermoord en dat was men nog aan het onderzoeken. Totdat het onderzoek is voltooid geldt er een uitgaansverbod; men is bang voor rellen/onlusten tussen de rivaliserende bevolkingsgroepen. De militairen patrouilleren 's nachts over straat en pakken iedereen op die zich na 9 uur buitenshuis begeeft! Uiteindelijk konden we na aandringen nog wat te eten krijgen in het hotel: rijst met kip en water. Vandaag (21 juni) zijn we doorgereisd naar Ouagadougou (Wagga voor de locals), hoofdstad van Burkina Faso, na eerst nog een school voor voortgezet onderwijs in Tamale bezocht te hebben. De rit naar Ouaga verliep voorspoedig, zonder problemen bij de grens; de lieftallige grensbeambte zag gelukkig niet dat onze West-Afrikaanse verzekering al een week verlopen was. Onverzekerd rondrijden betekend hier dat je de maximale uitkering van 750 euro kunt mislopen. Ik hoop dat we de auto een beetje vlotjes verkopen, zodat ik halverwege volgende week weer naar Accra kan terugkeren, waar nog projectzaken wachten.
Het volgende (en laatste) mailtje verwacht ik weer in Ghana of thuis te typen, waar ik verwacht over 2 weken weer te zijn.
Een vriend van me stelde enkele vragen, misschien dat de antwoorden ook voor jou interessant zijn.
Wat jullie daar meemaken is wel even wat anders dan naar de WK te kijken zonder deelname van Nederland.
Wij kijken ook bijna alles; hier zijn de meeste wedstrijden om 6 uur 30, dus als er een wedstrijd is die we willen zien, nemen we een iets duurder hotel met tv en kijken half slapend naar de 1e wedstrijd van de dag; net hier in Wagga Senegal zien verliezen van Turkije, in de bar van ons hotel, ik als enige tussen 30 luidruchtige Burkinezen en natuurlijk ben ik luid en duidelijk ook voor Senegal ;-); De teleurstelling dat Afrika verslagen is, is niet eens zo groot. Een paar weken geleden, toen Senegal Frankrijk verslagen had, waren we net uit Senegal in Guinee en toen was de herrie veel groter; even op straat je vuist omhoog steken en Senegal roepen naar de mensen op straat en je had er weer 35 vrienden bij.
Het is nu pauze in de halve finale Korea-Spanje (stand 0-0). Ik geloof dat heel Nederland voor Korea is.
De Nederlanders in Afrika ook, als Korea tenminste niet tegen een Afrikaans land speelt :-)
Leeft het WK nog in Afrika?
We hadden net vanmorgen iemand ingehuurd (1500 CFA per uur = ongeveer 2,5 euro) om te helpen de auto te verkopen en om ons vlotjes wat reisbureaus te laten bezoeken voor vliegtickets etc. en die zei dat het niet zoveel zin had om dat tijdens Senegal - Turkije verder te proberen, omdat iedereen voor de tv zou zitten en dat bleek ook. Hetzelfde gold ook voor de andere landen waar we doorheen reisden.
Ik begrijp uit je mailtjes, dat jullie tussendoor met een project bezig zijn. Ik heb niet meegekregen wat dat is, maar dat hoor ik dan wel als je weer terug bent.
Ik heb daar in Meppel ook niet teveel ruchtbaarheid aan gegeven, omdat de kans bestond dat het niet veel zou worden, maar ondertussen lijkt het wel te gaan lukken (ik ben namens een Nederlandse stichting "on a exploratory mission") en vertel ik er later wel meer over.
Ik heb een Peugeot verkocht aan een paar handelaren die de auto gaan exporteren naar Afrika. Kijk maar even rond of je hem al ziet.
Al 300.000 keer gezien, ze schilderen hem steeds weer over en hij is snel oud geworden hier :-)
Als ik jullie verhalen zo beluister, dan doe ik het helemaal fout. Ik had de auto zelf moeten exporteren.
Dat is inderdaad avontuurlijker en de bruto winst is wat hoger, maar netto valt het wat tegen en dan heb ik het niet over de uren die het kost :-)
Mail 8: Hallo uit Ouagadougou.
Onze auto is verkocht!!! Het had wat voeten in de aarde en we waren door al het gezeur bijna zover dat we hem aan een ontwikkelingsproject wilden schenken, maar een uurtje voordat André op het vliegtuig naar huis stapte (via Bamako komt hij morgenochtend (26 juni) in Parijs aan en bekijkt daar of hij verder tgveet of vliegt) was het toch voor elkaar; weliswaar lang niet voor het bedrag dat we in gedachten hadden en voorgespiegeld hadden gekregen, maar toch nog iets meer dan dat we er in NL voor betaald hadden.
Voor degenen die er wel een handeltje in zien: niet doen. Morgen krijg ik mijn nieuwe visum voor Ghana, waarna ik hoop daar zo snel mogelijk weer te belanden (per busrit van 24 uur of per vliegtuig) zodat ik zo snel mogelijk kan afmaken wat nog moet en weer naar huis kan; waar ik ondertussen weer flink zin in begin te krijgen.
Mail 9: Weg uit Wagga, alleen in Accra.
Vanochtend om een uur of 8 in Accra aangekomen na een busreis van een uurtje of 26 uit Ouagadougou. Het was niet bepaald het type luxe touringcar met bar en video en stoelen in de slaapstaand. Nee, smalle, tamelijk harde, afgekloven, met kunstleer beklede stoeltjes, die bovendien scheef hangen en waar op vervelende plaatsen harde stukken in zitten; en niet alleen netjes 2 rijen van 2, maar ook het middenpad nog vol met klapstoeltjes, zodat je helemaal opgesloten word. Echt iets voor de gevorderde claustrofobicus. Geslapen heb ik dus niet veel, want mijn beide bejaarde buurvrouwen duwden me zeer beslist terug als ik te veel naar links of rechts overhelde; en ik deed dat natuurlijk ook bij hen.
De meeste Ghanezen in de bus sliepen trouwens met hun voorhoofd op de rand van de stoel voor hen, die nog tamelijk zacht was. Nadat ik met een taxi een hotel gezocht en gevonden had een paar uurtjes geslapen (3?) en een afspraak gemaakt op het ministerie;
’s Middags ben ik er geweest en bijna met ruzie weggelopen daar; ze vinden het normaal dat ik ze betaal voor hun tijd (gewoon per persoon, dus niet iets als tarieven), terwijl ze gewoon in werktijd met me praten; zal wel het cultuurverschil zijn. Morgen ga ik naar Cape Coast voor een bijeenkomst met studenten, vooral educatiespecialisten. Verwacht 2e helft van volgende week naar huis te vliegen.
Mail 10: Langs de Ghanese kust
"Verwacht 2e helft van volgende week naar huis te vliegen." typte ik in mijn vorige mailtje; dat is nu en ik zit hier nog, in Cape Coast om precies te zijn, een stad zo'n 150 km ten westen van Accra.
Vorige week vrijdag de bus uit Accra genomen (geen auto meer, snif) met 2 uur vertraging 's avonds om een uur of 9 in Cape Coast aangekomen, ingecheckt in het door kennissen voor me gereserveerde hotel (slechts 4 euro per nacht, maar ik heb wel veel jeuk ;-)), waar ik de groep Amerikaanse, Japanse, en Europese studenten die ik hoopte te treffen net misliep. Toen ik ze uiteindelijk aan de telefoon had waren ze alweer op de weg terug naar ons hotel; de Amerikaanse studente antropologie die als gastvrouw optreed heeft me vervolgens afgezet bij een restaurantje in de buurt, rijst met kip gegeten (geen keus), naar huis gelopen en gaan slapen. De volgende ochtend met een groep van een man of 8 (hoewel, allemaal vrouwelijke studenten, docenten en 2 professoren) een toer naar het slavenfort van Elmina gemaakt, waar de Nederlanders berucht zijn vanwege hun slavenhandelverleden; 's avonds een afscheidsfeest van 1 van hen, de gastvrouw die hier een jaar zat. Heel veel goede contacten opgedaan. Van zondag tot nu een paar scholen en vooral de universiteit bezocht en veel gepraat over project. Straks nog een gesprek met een hoogleraar educatie en enkele van zijn studenten hier en daarna met de trotro naar het dorp Ajumako (60 km) waar ik uitgenodigd ben op het initiatiefeest van de nieuwe plaatselijke koning (een soort burgemeester). Zaterdag naar Accra, zondag mijn laatste gesprek, daarna zo spoedig mogelijk naar huis, hoop ik.
Mail 11: Cape Coast - Ajumako - Techiman – Accra
Oftewel: De avonturen van Keesje in Afrika.
Op het initiatiefeest van de nieuwe plaatselijke koning van Techiman had ik bijna meer belangstelling dan NANA (zo heet de nieuwe koning), want ik was de enige Obroni in een afgelegen en niet toeristisch dorp; ik was er uitgenodigd door de organisatrice, die mijn hoofdcontact in Ghana is.
Hoe bekende Nederlanders of filmsterren zich soms voelen, dat weet je als je als enige blanke tijdens een volksfeest door de hoofdstraat van Techiman of Ajumako hebt gelopen; iedereen wilde met me praten, adressen uitwisselen en naar me zwaaien en als ik terugzwaaide was het hek helemaal van de dam; zelfs de nieuwe koning nodigde me uit op speciale audiëntie; hij zat verscholen in een tot kleedkamer omgebouwd klaslokaal van de plaatselijke lagere school en de ceremonie schreef voor dat hij zich nog niet aan het volk mocht tonen. Toen ik nietsvermoedend een bezoekje aan de school bracht om mijn laatste voorraadje pennen en blocnotes te slijten, werd ik meteen mee naar binnen getroond door 1 van zijn verzorgers en werd voorgesteld; omdat ik een T-shirt droeg met een afdruk van hem in vol ornaat erop (zoals honderden anderen in het dorp), was herkenning in het donkere klaslokaal niet moeilijk en hadden we een ontspannen gesprek.
Later die dag bestond de eerste fase van de meerdaagse ceremonie eruit dat hij in draagstoel door het dorp gehost werd onder begeleiding van de meest wilde Afrikaanse klanken en dansen; meedoen was gelukkig niet verplicht.
Na een uurtje of 2 maakte een hoosbui een abrupt einde aan het feest en vluchtte iedereen naar binnen, de huizen en hutten in. In het huis van mijn gastvrouw werd het enorm gezellig, want de drummers waren er ook terechtgekomen, op de veranda van de patio van een "extended"-familiehuis; iedereen (van 6 tot 66 jaar) danste op opzwepende drummuziek onder het goedkeurend oog van een Obroni met een biertje in zijn hand. En het bleef nog lang onrustig in Techiman :-)
De volgende morgen had de gastvrouw besloten dat ik eigenlijk niet weg kon voordat ik ook een cadeau (net als iedereen) aan de koning zou hebben gepresenteerd; na lang onderhandelen kwamen we uit op 65 US$. Het presenteren zelf was ook aan de ceremoniële wetgeving onderhevig, maar die kreeg ik gelukkig van tevoren uitgelegd; Eén fout maakte ik echter toch, maar die werd me met veel gelach vergeven; ik noemde de celebration een "party" en zag mijn gastvrouw wit wegtrekken.
Na afsluiting van die officiële gebeurtenis werd ik samen met de cameraploeg van TV3 (misschien ben ik zo nog op het nieuws van half 7 vanavond) met spoed naar Accra vervoerd, waar ik ruim op tijd was om voor 12 uur zaterdagmorgen mijn ticket te betalen voor de terugreis, die vandaag (zondagavond) begint (over een uurtje of 5 als ik dit typ) en maandagochtend als het goed is in Meppel eindigt.
Verder niet veel avonturen beleefd, dus dit was mijn laatste mail uit Afrika; ik hoop dat je er een beetje plezier aan beleefd hebt en zou graag van je willen horen wat je er van vond; één van de ontvangers vond namelijk dat ik erg negatief schreef over Afrika, zijn bewoners en vooral mijn belevenissen; was dat inderdaad zo?
Of waren het misschien toch die vermaledijde stukjes van reisgenoot André ;-)?
BTW, de kroningsceremonie was niet op TV en ik dus ook niet.
Kees Hoogendijk, Meppel. http://www.hcopleidingen.nl/
Onderwijsproject: http://www.smartkidsweb.nl/
Verhaal van reisgenoot André Klomp: http://members.home.nl/woodshoe/mijnweb/
